‘Iedereen wil winnen, maar dat is voor weinigen weggelegd’
Mart Bruggink koestert eerste zege

Hij is niet heel lang, de erelijst van Mart Bruggink. Maar sinds vorige maand staat er wél een heel mooie titel op. De Tukker pakte op de Weissensee met de winst in het Open Nederlands kampioenschap zijn eerste zege op het hoogste niveau. Daarmee verraste hij de voltallige ‘elite’ van het marathonpeloton.

Mart Bruggink schreeuwt het uit van vreugde na zijn zege in het ONK. Achter hem baalt Willem Hoolwerf, (Foto's TimsImaging)


Dat laatste bleek nogal een dingetje. Want die mannen keken elkaar toch verbijsterd aan. En ze stelden de vraag hardop: ‘Hoe was het mogelijk dat Mart Bruggink die titel pakte?’. Het antwoord daarop was niet zo heel moeilijk. In een riante kopgroep met ruime afvaardigingen van alle topteams waren die rijders vooral met elkáár bezig. Mart Bruggink maakte simpelweg heel handig gebruik van het feit dat er op hem niet zo werd gelet en legde daarmee meteen de kwetsbaarheid van de topteams bloot. Als je niet mét elkaar wilt koersen, maar vooral tégen elkaar, dan biedt dat opeens kansen aan anderen.
Mart Bruggink greep die kans met beide handen aan. Hij klopte met een sterke sprint de balende Willem Hoolwerf en ging uitbundig jubelend over de streep, net als acht jaar geleden. Destijds was de jonge Bruggink, debutant in de Topdivisie, echter zielsgelukkig met zilver in de Alternatieve. Nu was het goud. Een échte titel.

Vertrouwen


,,Ik heb altijd het vertrouwen gehad dat ik kón winnen’’, stelt de 30-jarige rijder van team Bouwselect. ,,Toevallig zei ik het de avond voor de koers nog tegen onze ploegleider Bertjan van der Veen. Ik ging er heel makkelijk overheen en misschien kon er wel iets moois gebeuren. Als kleinere ploeg is het niet makkelijk iets te doen en dat hebben we de laatste jaren ook weinig gezien, maar het kan zeker. Daarvan ben ik altijd overtuigd geweest. Dit geeft voor mij loon naar werken en sterkt binnen de ploeg het vertrouwen dat we écht kunnen meedoen.’’

Verschillen


En dat laatste valt niet altijd mee, stelt Bruggink, die zelf nog vier dagen in de week werkt als werktuigbouwkundig ingenieur bij VIRO. ,,Er zijn een paar ploegen waar geld wordt verdiend, de rest heeft weinig budget en bestaat uit jongens die gewoon moeten werken en daarnaast rijden voor een pak en een paar schaatsen. Vier dagen werken of alle dagen trainen maakt wel onderscheid. Daardoor worden de verschillen in het peloton steeds groter. De grote teams hebben ook stuk voor stuk veel goede rijders. Pas op een moment dat een groep uitdunt en er minder rijders van hetzelfde topteam in koers zijn, wordt het ook weer interessant. Dan is het weer marathonschaatsen zoals dat bedoeld is. Maar zitten er vier mannen van dezelfde ploeg bij en worden alle gaten dichtgereden, dan ben je kansloos. Wij zijn qua budget ook een kleine ploeg, maar kunnen soms toch iets klaarspelen door de inzet van heel veel mensen.’’
Ook voor hen is de titel van Bruggink, die bezig is aan zijn tweede seizoen bij Bouwselect. ,,Iedereen wil in zijn loopbaan een keer een zege pakken, maar dat is niet voor heel veel jongens weggelegd. Door die grotere verschillen wordt dat voor een rijder als ik ook steeds moeilijker. Ik ben heel blij dat het me nu is gelukt, en ik ben ook blij dat ik nu die tweede plaats uit de boeken heb gereden, al kijk ik ook daar nog steeds met heel veel genoegen op terug.’’

Artikel geplaatst op: 19 februari 2019 - 10:03

Gerelateerd

Delen