De Route naar PyeongChang 2018 ‘Spelen kennen altijd verrassingen’

Herbert Dijkstra, ook thuis in Inzell. ,,De ene Spelen zijn mooier dan de andere, maar per saldo zijn ze allemaal uniek.''

Je hoeveelste Spelen worden dit? ,,Klinkt blasé, maar dat moet ik echt even nakijken. Ik denk ongeveer mijn zestiende. Nee, de zeventiende. Sinds 1988, met toen nog de Zomerspelen van Seoul en de Winterspelen van Calgary in hetzelfde jaar, heb ik in ieder geval niets meer gemist. Dan tel ik wel de twee Spelen mee die ik als schaatser heb meegemaakt. Ik was er destijds als atleet bij in Korea, voor de Spelen in Seoul. Nu, dertig jaar later, ga ik dus weer terug naar Korea, maar als verslaggever.’’
De magie van de Spelen? ,,De spelen zijn absoluut het mooiste evenement om mee te maken. Op één locatie heb je elke dag mooie topsport, in allerlei disciplines. Dat geldt voor zowel de zomer als de winter. De sfeer is ook anders dan bij andere toernooien. Omdat je zoveel verschillende sporten bij elkaar hebt, zie je ook altijd kruisbestuiving. Sporters die elkaar ontmoeten, praten, vriendschappen sluiten. En de sfeer in de steden is altijd geweldig. Als ik denk aan Rio, aan Sydney, Londen; dat was echt allemaal fantastisch. De olympische sfeer is nergens mee te vergelijken. Dat vergeet je nooit meer. Maar er is één wedstrijd die ik nog boven de Spelen stel, en dat waarschijnlijk begrijpelijk de Elfstedentocht. Verder zijn de Olympische Spelen uniek. De ene mooier dan de ander, maar per saldo allemaal bijzonder.’’
Hoe wordt PyeongChang? ,,Tja, het zijn Koreanen. Wat ik daarvan weet, is dat ze niet zo flexibel zijn. Alles gaat altijd heel erg volgens de regels. Dat kan wel eens lastig worden. Ik herinner me bijvoorbeeld het verschil tussen Atlanta en Salt Lake City. Allebei de Verenigde Staten, maar een enorm mentaliteitsverschil. In Atlanta kon helemaal niets. Alles was moeilijk, niemand durfde beslissingen te nemen, en dat leidde tot onnozele dingen. Salt Lake City was totaal anders, veel prettiger. Dat onderscheid heb je ook tussen landen. Er zijn ook landen waar het zelfdenkend vermogen niet wordt uitgeschakeld. In dat opzicht zijn de ene Spelen meer ontspannen dan de andere. Sochi was heel relaxed, in Korea verwacht ik dat minder.’’
,,Klein voorbeeldje. Sang-Hwa Lee is de beste rijdster van de wereld op de 500 meter. Maar die moest dus omwille van de regeltjes voor een kwalificatiewedstrijd terugkomen naar Korea, terwijl iedereen wist dat ze die met twee vingers in de neus zou winnen. Daarna ging ze weer terug naar Europa, maar dat heeft haar wel genekt. Ik herken dat wel. Niet een beetje flexibiliteit, geen eigen verantwoordelijkheid nemen. Alles volgens de letter, zoals dat toch in de Koreaanse cultuur zit.’’
In Sochi viel de wereld over de 23 schaatsmedailles van Nederland. ,,Klopt. Paniek. Het was een Nederlands onderonsje geworden. Maar ik loop al best lang mee in het schaatsen, en heb nog meegemaakt dat we terugkwamen uit Sarajevo zonder medaille. Je hebt nu eenmaal te maken met magere jaren en goede jaren. Het is wel typisch Nederlands om daarover te zeuren. Kijk naar landen als Duitsland en Oostenrijk met sporten als skiën, rodelen, bobsleeën en schansspringen. Die zijn blij met elke medaille. En schaatsen is misschien nog wel mondialer dan menig andere wintersport. Concurrentie genoeg. Maar in Nederland is dit nu eenmaal een volkssport en in veel ander landen niet. Misschien moeten we eens trots zijn op wat we hebben.’’
,,Weet je, ik hoor die discussie eigenlijk al zolang als ik commentator ben. Zelf heb ik ook weleens gedacht ‘zou het zo zijn?’. Inmiddels ben ik erachter dat het helemaal niet zo is. Wel is schaatsen een echt Nederlandse sport. En ja, we moeten ons schamen als we met alles aan teams en geld niet de meeste medailles halen. Maar we winnen echt niet alles.’’
Is de concurrentie dichterbij gekomen? ,,Ja, op sommige afstanden wel. Neem de mass-start, het nieuwe onderdeel. Dat is eigenljik een typisch Koreaans onderdeel, met hun achtergrond in shorttrack. Seung-Hoon Lee ziet daar grote kansen en de andere Koreanen ook. Op de 500 meter vrouwen is het evenmin een abc-tje dat Nederland wint. Je hebt daar Brittany Bowe, Heather Bergsma-Richardson en natuurlijk Sang-Hwa Lee plus meer vrouwen. Tenzij Jorien ter Mors iets onmogelijks doet, zie ik ons daar geen medaille pakken. Weet je,
Wat verwacht je in PyeongChang? ,,Tja, ik heb geen glazen bol natuurlijk, en voorspellingen, daar heb ik niet zoveel mee. Maar in algemene zin is mijn ervaring dat er altijd gekke dingen gebeuren. Het zijn de Spelen; voor iedereen is de druk veel hoger en dan krijg je verrassingen. Neem Steven Bradbury, de Australische schoenmaker die in 2002 goud pakte als shorttracker. Of Sven Kramer die juist goud misliep in Vancouver op die beruchte tien kilometer. Wie had daar voorspeld dat een Koreaan dat goud zou pakken? Je was voor gek verklaard. Dat kenmerkt de Spelen en dat is ook de charme van de Spelen.’’
Een verrassing? ,,Als Kjeld Nuis succes heeft, is dat geen verrassing. Koen Verweij ook niet, en zelf Kai Verbij al niet meer. Ik denk dat we die moeten zoeken bij de 500 meter voor de mannen. Ik zeg Dai Dai Ntab. Da’s iemand met een enorm atletisch vermogen die zijn grens nog niet heeft bereikt. Hij schudt ineens de 34’ers uit zijn mouw, rijdt in Thialf een tijd waar je U tegen zegt. Als hij de koelheid heeft, zou hij het in PyeongChang ook kunnen doen. Ik weet het, hij komt net kijken. Maar hij komt wel snel.’’

Artikel geplaatst op: 10 november 2017 - 18:43

Gerelateerd

Delen