Yara van Kerkhof twijfelt niet langer aan zichzelf: Het vertrouwen gevonden

Jeroen Otter is doorgaans wel goed met bijnamen. Voor Yara van Kerkhof had de bondscoach een heel passende in petto. ‘Pitbull’, noemde hij haar. En dit seizoen leeft Van Kerkhof ook wat meer naar die geuzennaam. Ze bijt van zich af, met maar één doel voor ogen: de Spelen.


,,Die Spelen, tja, daar zijn we toch met z’n allen heel erg mee bezig’’, erkent Yara van Kerkhof (27). ,,Soms moet ik mezelf er even aan herinneren dat er dit seizoen ook nog andere toernooien zijn. Die vergeet je bijna omdat je zo met de Spelen bezig bent. Dat is het enige waar je aan denkt eigenlijk.’’
De Zoetermeerse veroverde begin januari haar tweede nationale titel en dat beschouwt ze als een mooie opmaat naar de echte topprestatie, die een slordige negenduizend kilometer verderop moet plaatsvinden.
Die titel geeft vertrouwen aan Van Kerkhof, die lang te boek stond als een twijfelaar. Ze was zelf minder overtuigd van haar eigen kwaliteiten dan haar omgeving, bondscoach Jeroen Otter voorop. ,,Die vraagt me wel eens waarom ik dat nou doe. Waarom ik tevreden ben met een B-finale als ik ook de A-finale kan rijden.’’ Soms confronterend. ,,Maar wel goed dat hij het zegt. Dat hij me een spiegel voorhoudt. Dan ga je het zelf op een gegeven moment ook zien, en dat maakt wel iets los bij me.’’

Gelijk


Ze heeft daar een mooi voorbeeld van, grijpt terug naar de wedstrijd in Budapest. ,,Reed ik de B-finale en was ik blij met mijn rit. Zie ik Jeroen Otter een beetje boos naar me toekomen. ‘Wat is dit nou?’, dacht ik. Maar prompt stond ik daarna in Dordrecht wel in de A-finale. Omdat ik voel dat hij gelijk heeft. Dat helpt wel.’’
Van Kerkhof staat er goed voor, stelt ze. Een half dagje beetje ziek, voor de rest niets te klagen. ,,Ik heb vrijwel alles kunnen doen wat ik wil.’’ De snelle zekerheid over plaatsing voor de Spelen werkte ook mee. ,,Vond ik heel fijn. Wij wisten het al, terwijl anderen nog om plaatsing moesten strijden. Aan de andere kant houdt die strijd je ook weer heel erg scherp. Wij moeten nu gefocust blijven en naar de Spelen toe steeds beter worden, dan is in deze sport natuurlijk van alles mogelijk.’’

Stapje voor


Zeker met het team waar ze nu in rijdt. ,,We kunnen de beste van de wereld verslaan’’, weet ze. ,,Zo kijken wij niet alleen naar onszelf, maar zo kijkt de concurrentie ook naar ons. Altijd lekker als zij een beetje bang en zenuwachtig worden en wij vol vertrouwen zijn. Dan heb je al een stapje voor.’’
Ze was er vier jaar geleden in Sochi ook bij. Geen medailles, wel een hoop ervaring. Dat neemt ze nu mee naar PyeongChang. ,,In Sochi zaten we wel op een ander niveau, maar nu weet ik wel wat me te wachten staat. En ik weet wat ik daar niet zo slim heb aangepakt en wat ik nu dus anders moet doen.’’ Dat is vooral mentaal, verklaart ze. ,,Ik was daar twee weken lang gefocust. Het voelde alsof ik iedere dag een wedstrijd had, terwijl ik soms twee dagen niet hoefde te rijden. Ik was helemaal opgebrand aan het einde, vond het superzwaar. Dat moet dus anders.’’

Niet nabootsen


Het is iets dat ze alleen kon leren door op de Spelen te zijn. ,,Normaal hebben we wedstrijden van maximaal drie of vier dagen achter elkaar. Bij de Spelen is dat verspreid. Daar kun je nergens anders ervaren, kun je niet nabootsen. Ik ben nu blij dat ik het heb meegemaakt. Nu moet ik zorgen dat ik de focus er regelmatig af haal. Ik denk dat dat me minder energie kost.’’
Van Kerkhof, die in PyeongChang start op de 500 en 1000 meter plus de relay, reed vorig jaar al een testtoernooi in de olympische arena. Lachend: ,,Ik reed niet zo goed, dus dat moet ik uit mijn hoofd zetten. Maar het is een mooie hal met veel tribunes. Als het vol zit, súpergaaf. Ik herinner me de relay, waarbij er zóveel publiek zat. De begonnen op een gegeven moment allemaal te schreeuwen toen de Koreanen de kop pakten. Ik hoorde één suis, maar dat gaf me wel vleugels. ‘Blijf bij die Koreaan’, dacht ik. Want als het spannend blijft, dan blijven ze juichen. Ik reed prompt mijn snelste rondje tot dan.’’
Die entourage, daar kijkt ze nu weer naar uit. ,,Daar kan ik echt van genieten. Heel gaaf. En nu natuurlijk helemaal. Het is thuispubliek, ik weet dat ze vooral juichen voor de Koreanen. Maar het is toch het mooiste als je ze juist dan kunt verslaan.’’

Artikel geplaatst op: 23 januari 2018 - 02:00

Gerelateerd

Delen